RSS Feed

Schrik.

Ze was erg geschrokken.

Toen ze besefte hoeveel invloed hij op haar had. Op de een of andere manier slaagt hij er in om haar dingen te laten zeggen waarvan ze nadien beseft dat ze ze beter niet had gezegd.
Hij brengt iets bij haar teweeg wat sterker is dan haarzelf.

En dat vindt ze geen geruststellende gedachte.
Op het ogenblik zelf wist ze dat ze moeilijk "nee" ging kunnen gezegd hebben. Achteraf bekeken weet ze dat ze nooit "ja" zou kunnen gezegd hebben. Zou mogen gezegd hebben. Nu kan ze het bekijken met een nuchtere, realistische blik en weet ze dat het niet goed is.
Nogmaals neemt ze de beslissing om er geen aandacht meer aan te besteden, om hem te laten voor wat het is.

Maar hoe erg is het om jezelf niet eens volledig te kunnen vertrouwen?

Het is niet erg.

Ze heeft zo van die dagen waarop alles fout loopt. Maar dat eigenlijk niet zo erg is.

Zo had ze besloten eens wat langer te slapen maar werd gewoon wakker op het veel te vroege uur waarop ze iedere dag verplicht moet wakker worden. Veel te vroeg. Terwijl het anders zo moeilijk is om op dat veel te vroege uur op te staan, lag ze nu klaarwakker alsof het niets was. Maar het was niet erg. Vond ze.

Nadat ze terug in slaap was gevallen. Werd ze terug wakker. Veel te laat. Ze had het anders gepland. Maar het was niet erg.

Ze besloot brood in de microgolfoven te steken. Veel te lang. Zo bleek. Rookpluimen stegen op uit de microgolf. Op zo'n moment zou ieder normaal mens doen wat hem te doen staat. Zij kreeg zowaar een lachbui. Brood aangebrand, alles stinkt. Maar het is niet erg.


Ieder mens zou dat meer moeten doen. Zich niet zo druk maken in dingen die nu eenmaal gebeuren. Pietluttige dingen die fout lopen en je dag kunnen verpesten. Maar vandaag eens niet. Want.

Het is niet erg.

Spelletje.

Hij moet het gevoeld hebben. Of geroken. Of hij heeft misschien gewoon een vijftiende extra zintuig. Of zo.

Ze had vandaag voor zichzelf beslist dat het gedaan was. Genoeg. Ze zou zelf geen initiatief meer nemen om hem te benaderen. Ze voelde zich mislukt. Alsof ze zich belachelijk had gemaakt. En dat had ze misschien ook wel gedaan.

Maar het was genoeg. Kin omhoog. Neus in de lucht. Ze voelde zich vastberadener dan ooit. Ander en beter. En vooral minder complexer.
Liefst.

Maar dat was dus buiten hem gerekend. Plots was hij daar. Alsof hij het geroken had. Of gevoeld.
Het sterke karakter dat ze meende te hebben die dag, smolt als sneeuw voor de zon.
Hij speelde het spelletje. Opnieuw. En zij bezweek. Opnieuw.

Het leek er zelfs op dat het spelletje vandaag zou worden uitgespeeld. Gelukkig bepaalde een externe factor dat ze niet voorbij het eerste level zouden geraken.

Ze wist niet hoe ze zich daarbij moest voelen. Opgelucht. Of juist niet.

Zoals het nu is gelopen, zo moest het lopen. Zo is het het best. Dat weet ze.

Maar misschien hoopt ze toch wel heel stiekem dat het ooit nog anders verloopt. Ooit?

Touwtjes.

Ze heeft gedroomd. Dat doet ze eigenlijk iedere dag wel een paar keer.
Maar nu was het anders. Al een paar dagen droomt ze van onbereikbare dingen. Van dromen.

Ze houdt van dromen. Je kan ongegeneerd je diepste zelf zijn. Zonder veroordelende toontjes of blikken. Zonder vragen. Iedereen is zoals hij/zij volgens haar zou moeten zijn en doet de dingen zoals zij in gedachten had.

Het voelt een beetje aan zoals vroeger met de poppen spelen. Die deden ook altijd wat ze zouden moeten doen. Ze had zelf de touwtjes in handen. Leuk en gemakkelijk. Zonder onverwachte wendingen. Gewoon.

Helaas had iedere persoon nu zelf z'n touwtjes in handen. Behalve in haar dromen.

Keep on dreaming.

Of eerder. Wake up!

Nooit gezien. Nooit. Graag gezien.

Bemind en aanbeden.

Nog nooit.

Is het mogelijk?

Wat is er mis? Met haar?

Zijn "ik zie je graag" en haar naam dan water en vuur?


Niemand liet ooit een traan voor haar.

De pijnlijke. Vreselijke. Harde. Realiteit.


Drama.

ikzaleensvertellenhoehetineenzit.

Ze heeft er een hekel aan.

Aan mensen die op de bus of op gelijk welk openbaar vervoermiddel de volledige inhoud van een serie of film of boek vertellen. Die het blijkbaar leuk vinden om de omringende passagiers maar direct te vertellen dat meneer x verdrinkt en mevrouw y zwanger blijkt te zijn van een drieling.

Vandaag zat zo'n exemplaar van 'ikzaleensvertellenhoehetineenzit' achter haar op de bus. Ze kreeg er daadwerkelijk de kriebels van en moest zich inhouden om zich niet om te draaien. Het bleek dan nog eens iemand te zijn die niet echt op de hoogte was van de meest bruikbare verteltechnieken en die bijgevolg alles door elkaar vertelde op één en dezelfde toon.

Ze voelde door de rugleuning van haar stoel dat de jongen, die naast de
'ikzaleensvertellenhoehetineenzit'-jongen zat, ook de kriebels kreeg. Hij probeerde een aantal keer de persoon in kwestie te onderbreken maar die had de hints niet door.

"Goh ja en het einde .. dat is ook echt zeer goed!"
"Mja, misschien moet je dat nu net niet vertellen ..."
"Nee?"

Blind.

Ziet hij het dan echt niet?

Hoe ze ongeveer smeekt om zijn aandacht. Hoe ze bijna op haar knieën valt in een poging om een blik van hem in haar richting te krijgen.

Tevergeefs.

Heeft hij het dan echt niet door?

Hoe hij nog in haar hoofd zit. Hoeveel moeite ze moet doen om er niet aan te denken en hem volledig te verbannen. En hoe ze daar niet in slaagt.

Heeft hij dan niet door wat hij haar aandoet? Dat het spelletje al te lang heeft geduurd? Dat ze er genoeg van heeft?

... en dat z'n mysterieuze glimlach haar telkens weer doet smelten?

Verdorie!

Ooit.

"Tot de volgende keer! Misschien. Ooit."

Een gesprek waarvan ze op voorhand niet had gedacht dat ze het ooit zou voeren, sloot ze met deze woorden af. Onbekende man vs. een voor hem eveneens onbekend meisje.
Ze hadden elkaar ontmoet aan de tramhalte en de tramrit een beetje opgevrolijkt met een raar gesprek. Over die verdomde regering (waar ze eigenlijk niks over weet), over de betalingsmogelijkheden op de tram, over België, over het weer in Ierland, over Nederland. Meneer de gesprekspartner was een Nederlander die nu in België woonde, maar reeds in Engeland en Ierland had gewoond en nu ook een week Ierland achter de kiezen had.

Indrukwekkend. Zij had net een les gebarentaal achter de rug. En een stressvolle dag.

Ze merkte plots hoe verschillend mensen zijn. Allemaal de grofweg dezelfde vorm. Maar zo verschillende inhouden.
Ze bedacht hoe saai die man haar wel niet moet gevonden hebben. Enkel in het buitenland voor vakantie, niet op de hoogte van de regeringstoestand in België, enkel bekommerd om haar eigen zorgen.

Maar misschien krijgt ze ooit ook nog een interessant, boeiend leven. Slaat ze praatjes met onbekenden. Aan onbekende tramhaltes.

Misschien. Ooit.

Afgevallen.

Nieuwe maand. Nieuw begin.

Ja. Zo gaan we dat doen. We beginnen opnieuw.

Ze kijkt rond en ziet dat ze in een soort cocon zit. Letterlijk. Blaadjes dwarrelen langs de ruiten naar beneden. Het grasveld ziet geel, bruin en rood. Niet groen, zoals een grasveld hoort te zijn. Daar houdt ze wel van. Een beetje tegendraadsheid geeft het leven kleur.

Dus heeft ze zonet beslist om een beetje zoals de blaadjes te zijn. Zij zijn afgevallen en beginnen nu hun tweede leventje. Van vasthangend blad naar afgevallen blad. Een mooie stap.

Bij haar zal het zo drastisch niet zijn. Ze heeft geen zin om plots als zwevende of liggende mens door het leven te gaan. 't Is vooral mentaal.
Het wezen dat haar slapeloze nachten, hardkloppingen en tranen heeft bezorgd, heeft afgedaan. Hij wordt verbannen uit haar eierkop. Zijn eigen schuld. Pech gehad.

Misschien moet hij maar eens wat meer rekening houden met de vasthangende blaadjes die rondom hem hangen. Dan was hij nu waarschijnlijk geen afgevallen blaadje.